Saturday, 11 July 2009


Moi! beste vrienden,

Volgens mijn blog-dashboard is de laatste post van 18 november 2008.
Laat dit een waarschuwing zijn, dit blog zal het dus niet moeten hebben van zijn nieuwswaarde.
In de huidige twitter-tijd is dit marketing-technisch misschien niet zo'n sterke beslissing, maar soit.

Goed, een nieuwe zomer, een nieuw begin dus. Deze keer in Helsinki.
Het wordt even een kort, puntsgewijs blog, want er valt reeds behoorlijk wat te vertellen.

Donderdag - vlucht/aankomst
's Morgens de koffer in alle haast ingepakt en gewogen: aanvankelijk 15 kilo te zwaar, op een toegestaan maximum van 20 kg behoorlijk wat dus. Een belletje naar Baltic Air leerde ons dat het 15E per extra kg ging kosten, dus dat werd opnieuw inpakken.
Na een soort Seinfeld/Curb Your Enthusiasm-achtige episode in de parkeerplaats (wat zijn sommige mensen toch fucking asociaal!) bleek bij het inchecken mijn bagage alsnog 8,5 kg te zwaar, maar het leek de stewardess niets te deren, dus ik hoefde niets te betalen.
Nog even een paar sigaretjes gerookt met het hartverwarmende uitzwaai-comite: paps, mams, Ernesto, Miriam & Rob (nogmaals bedankt!) en toen door de security check, een fles wijn gekocht van al het losse muntgeld wat ik bij de verhuizing had gevonden en hup, het vliegtuig in.
Alles ging voorspoedig tot mijn overstap op Riga, een soort wereldje op zich, afgesloten van alles. Ik weet niet of iemand wel eens "The Langoliers" heeft gezien, een magere direct-naar-TV-verfilming van een Stephen King boek, maar ik weet nu waar dit is opgenomen. Het is een heel klein gebouwtje, omgeven door twee banen, ongeveer 500 meter gras, en dan een horizon van dennebomen. Allemaal even hoog, en je kunt er niets achter zien. Alsof het een goedkoop computerspel betreft.


Omdat je overstapt mag je het gebouw niet uit, en er is afgezien van een koffiebar en een zooi toiletten werkelijk niets te doen. Na eerst iets meer dan een uur te hebben gewacht, kon er geboard worden, en aangezien dit vliegveld geen 'slurfen' heeft, betekende dat de bus in. Na 20 minuten in een stilstaande bus te hebben gewacht, werden we teruggeroepen, omdat onze vlucht was vertraagd ivm onbekende technische mankementen.
Vervolgens weer 2 uur wachten, zonder info, totdat Baltic Air maaltijdbonnen begon uit te delen, van 1 zloty 60. Helaas was een kopje koffie bij de koffiebar al duurder dan dat, dus ik vreesde een lange nacht vol kou en honger, maar net toen ik mijn bestelling voor een pizzabroodje van 4 zloty 50 had gedaan, kon er plotseling geboard worden.
In een superklein rammelend vliegtuig (zie foto) werd vervolgens het laatste stuk naar Helsinki afgelegd.

Aangekomen in Helsinki bleek dat de helft van mijn bagage nog in Amsterdam stond. Na het invullen van wat papierwerk kon ik eindelijk mij nieuwe woonplaats betreden.
Al met al een goed begin dus.

Tuesday, 18 November 2008

What's new Copenhagen?

Bij deze verbreek ik de radiostilte!

Er zijn verscheidene redenen voor mijn zwijgen, varierend van luiheid tot drukte, maar de grootste reden was toch wel het overlijden van mijn MacBook. Gelukkig was de dag daarvoor mijn externe HD naar een betere plaats vertrokken, dus ik ben wederom alles kwijt, incl. mijn bachelor-scriptie. Hoera!
De eerste poging tot reparatie duurde ongeveer een week. Toen bleek dat het niet gerepareerd kon worden, werd de HD vervangen door een nieuwe, maar de Apple Reseller kon helaas niet opnieuw het besturingssysteem voor mij installeren. Dat werd ik geacht te doen met behulp van mijn originele installatie-CD. Gelukkig ligt die ergens in Amsterdam of Beverwijk, op de bodem van een van de 20 dozen met zooi, dus dat maakte het al wat gemakkelijker. Vervolgens met Julian, een Duitse (!) vriend over wie jullie nog niet gehoord hebben, geprobeerd om het te downloaden, dat was succesvol, maar de Mac wilde de gebrande DVD niet lezen. Toen van Gabriel, een Amerikaanse vriend over wie jullie nog niet gehoord hebben, een Leopard-disk geleend, maar die bleek gekoppeld te zijn aan zijn Mac. Uiteindelijk dus maar online een nieuwe besteld, die er in tegenstelling tot de beloofde 24 uur, er 72 uur over deed om geleverd te worden, maar mijn Mac werkt weer. Tot mijn grote geluk heeft de persoon van wie ik het internet thuis stal, inmiddels de beveiligingsoptie gevonden, en ik ben dus voor het internet veroordeeld tot de bieb. Nice.

In ander goed nieuws, ik heb hier inmiddels een baan gevonden en inmiddels weer verloren. Geen zorgen, het was een tijdelijk project en het duurde zelfs langer dan ik had gewild.
Het betrof telefonische klanten-service voor een grote Europese 'recall'-actie van een bepaalde headset, waarvoor ik de Nederlandse lijn bemande. Bedrijven belden de lijn om een nieuwe accu te bestellen, ik vulde de gegevens in en klaar is Soren.
Het was belachelijk simpel en betaalde belachelijk goed. Was het in het begin nog druk, ongeveer 50 telefoontjes per dag, de laatste twee weken kreeg ik er ongeveer 6 per dag (een werkdag duurde 8 uur), en dus tijd genoeg om te lezen/studeren/tukken.
Net als in Nederland is ook in Denemarken telemarketing het afvoerputje van de werkende samenleving en ik heb dan ook een aantal bijzondere figuren ontmoet, voornamelijk reli-freaks. Gamado, een uit Togo gevluchte dominee-in-opleiding, een overgelukkige Afrikaan, die zo blij is dat hij zijn thuisland is ontvlucht, dat iedere dag in het Rijke Westen gelijk is aan een dag in het Paradijs.
Madeleine, een Franse die zich 3 maanden geleden, na een leven als drugsverslaafde party/tienermoeder, tot het Baptisme heeft bekeerd, en zo nu en dan hele nachten 'met God praat' en dus af en toen doodmoe op het werk kwam. Gelukkig niet te moe om iedereen proberen te bekeren. Ze had helaas geen antwoord op mijn favoriete vraag voor fanatieke Christenen: "God laat Lot gaan uit Sodom en Gomorrah, en God laat het vervolgens vuur regenen op allebei de steden en doodt iedereen daar omdat ze sodomie en bestialiteit etc. plegen. Vervolgens vlucht Lot naar de bergen met zijn twee dochters, die hem dezelfde avond nog dronken voeren en in zijn dronkenheid pleegt Lot incest met beide dochters en bezwangert ze. Waarom wordt hij of zijn dochters niet gestraft?" Ze heeft me beloofd om de volgende keer dat ze met de Heilige Geest praat het te vragen.
Een andere heerser was Dennis, een Deen, die na 6 jaar lang iedere dag wiet roken enigszins paranoide is geraakt, en dus ieder willekeurig onderwerp kan herleiden tot een conspiracy theory. Vermakelijk doch vermoeiend.
Mijn leidinggevenden bestond uit een groep "superdudes", compleet met opgefohnd manga-kapsel, nep-bruinsel en overmatig toegang tot creatine. Koningen dus!

Ik heb inmiddels een nieuwe baan gevonden als part-time cultuur journalist voor de Copenhagen Post (de enige Engelstalige krant in Denemarken) wat voornamelijk inhoudt dat ik verslag kan doen van de clubs/feesten/tentoonstellingen/musea waar ik ws uberhaupt al heen zou gaan. Het betaalt slecht, maar het staat goed op de CV en het is goed voor mijn schrijven.

Goed, ik moet ervandoor, naar waterpolo-training. Snel meer nieuws, deze keer echt.

Tuesday, 9 September 2008

Road Trip 1.2

Goed, waar te beginnen. Ik moet duidelijk wat vaker updaten, want ik heb de meeste verhalen van mijn trip nog niet eens verteld.

Ik zal beginnen met het sterkste verhaal van de trip:
Na ons vertrek uit Smogen kwamen we, via een een ander prachtige vissersdorpje waarvan ik de naam nu alweer vergeten ben (damn you, alcohol!) en waar veel films worden opgenomen, en via Halden, een stad met een enorme vesting, tegen de avond aan in de buurt van Oslo. Het was al enigszins donker, en ik had niet zoveel trek meer om te rijden.
Geschrokken van de prijzen uit de supermarkt (10 Euro voor een pakje sigaretten), besloten we in de Lonely Planet te zoeken naar de goedkoopste camping in de buurt. Prijzen stonden echter niet vermeld in de gids, dus we gingen er logischerwijs van uit de camping het verst uit het centrum, de Fjorde-camping (volgens de gids met uitzicht over het Oslofjord) wel het goedkoopste zou zijn. De Pakistaanse receptionist verzekerde ons dat het ook zeker de goedkoopste was, maar zijn woord was eigenlijk al ten overvloede na een blik op de ‘toiletvoorzieningen’. Niemand was echt overtuigd, en van het uitzicht op het Fjord was ook geen sprake, tenzij je misschien op iemands caravan ging staan. We besloten de korte wandeling (2 min) te maken naar het fjord, en vonden daar een koffiehuisje met een groot terras aan het water, met een grote partytent. Er hing een bordje op de deur, “gesloten in augustus/september”. Dit bracht ons op het lumineuze idee om over het hek te klimmen en de nacht door te brengen in de partytent. Je moet toch iets om het goedkoop te houden in Noorwegen.

We haalden de auto weg van de campingparkeerplaats en reden, lekker low-profile over het voetpad naar het restaurant om de spullen uit te laden. Dat ging allemaal voorspoedig, daarna heerlijk geBBQ’d aan het fjord en in ons luxueuze onderkomen voor die avond, de partytent, daarna nog even lekker kaartje gelegd en een biertje gedronken. Wouter en Marshall, enigszins de alpha-males van de groep, kregen de ws. door bier gesterkte ingeving dat het misschien ook wel cool was in het koffiehuis zelf en besloten even een kijkje te wagen om na te gaan hoe afgesloten dit gebouwtje eigenlijk was. Mij leek dat helemaal niet zo’n goed plan, en als een ware profeet sprak ik tegen Emlyn : “They will get us in trouble, I’m sure they will set off an alarm or something.”

Maar zoals bij veel profeten gebeurde er niets...tot de volgende ochtend!
Een gestresste Emlyn maakte ons wakker met de mededeling dat de Pakistaanse eigenaar met zijn zoons zojuist het terrein op was gekomen, en hem had verteld dat het alarm was afgegaan en dat hij geloofde dat wij hadden ingebroken en dat hij de politie had gebeld. We moesten dus als de sodemieter onze spullen pakken om een goede indruk te maken. Iedereen pakte snel alles in en ruimde de blikken bier op en Matthias pakte het grote vleesmes en wilde dat in de auto leggen, zich niet realiserend dat dat misschien niet de beste indruk zou maken. Gelukkig kon ik hem ervan overtuigen dat hij dat misschien beter in een tas kon stoppen en dan in de auto zou leggen.

Na een zenuwachtig kwartier kwam de politie in een jeep. Ik moet zeggen, de Noorse agenten zien er op het eerste gezicht toch echt wel een stuk serieuzer uit dat de gemiddelde Nederlandse plofkont met zijn vrouwelijke (ahum!) lesbo-in-denial-collega: baret, kisten, flinke knuppel, crew-cut en behoorlijk in shape. Een van de twee hield zich met de eigenaar bezig en de andere met ons. Toen hij om onze legitimatie vroeg, sloeg Matthias de schrik om het hart, dat had hij namelijk in Kopenhagen laten liggen, en Matthias stamelde tegen mij in het Duits dat hij dat niet had. Ik adviseerde hem, in het Duits, dat hij moest zeggen dat het in de auto lag, want die stond een flink eind verderop geparkeerd.

We hadden trouwens gedurende het zenuwachtige kwartier een verhaal vastgesteld: we zouden midden in de nacht zijn aangekomen, de camping leek al gesloten en het regende, dus we wilden onze tent niet opzetten. Dit verhaal deden we dus ook tegen de agent, maar al vrij gauw werd duidelijk dat we hier voordeel gingen halen uit een van de grote geheime zondes van Skandinavie: discriminatie. Het was me in Kopenhagen al eerder opgevallen, maar net als bij veel Nederlanders, is er bij veel Skandinaviers een latent neiging tot discriminatie aanwezig. De Noren zijn volgens mij nog een stukje erger dan de Denen/Nederlanders. Ik keek even naar de agent die met de eigenaar stond te praten, maar je kon zien dat het hem weinig interesseerde wat de driftig gebarende, kleine bebaarde man in zijn polyester pak aan het vertellen was. En na een kort lulpraatje over onze reisbestemming, het weer in Bergen, welke fjorden aan te raden zijn etc, zei de agent die met ons stond te praten, “You all seem like a bunch of good guys. I would have probably done the same. Just pack up your stuff and go, and don’t do it again.”

“You seem like a bunch of good guys”? Hoe kon hij dat nou weten? Hij had maar van twee mensen legitimatie gezien, beide namen fout gespeld, en we hadden zojuist ergens ingebroken, weliswaar niet in het koffiehuis, maar wel het terras en de tent. Hij bedoelde waarschijnlijk, “you seem like a bunch of white guys”, maar ach, hij hoefde dat natuurlijk geen twee keer te zeggen. Iedereen pakte een tas, en weg waren we.

Meer verhalen binnenkort! Ik heb een supergoed verhaal over het Semester Start Fest in het Tietgens Kollegiet, waar ik mijn naam voorgoed gevestigd/besmeurd heb, maar nu ga ik even een biertje drinken.

Sunday, 31 August 2008



You seem like a bunch of good guys.



http://www.new.facebook.com/album.php?aid=50297&l=49bbb&id=655887306

http://www.new.facebook.com/album.php?aid=50286&l=6b2e9&id=655887306

Zoals vermeld in mijn vorige blog, ben ik afgelopen week op een road trip door Zweden en Noorwegen geweest, samen met wat jongens die ik hier heb ontmoet:
Marshall, een Canadees; Wouter, een Belg; Emlyn, een Australier en Matthias, een Oostenrijker.
We begonnen de reis in Malmo, om de auto op te halen. Aangezien Wouter, Matthias en Marshall onder de 23 waren en Emlyn gewend is om links te rijden was ik de aangewezen chauffeur. Ik had echter net 4 uur daarvoor het laatste biertje naar binnen gegoten, dus achteraf was dat misschien niet zo’n beste keuze. Dit gevoel werd versterkt toen ik binnen een half uur na het ophalen van de auto, bij het uitparkeren een andere auto een licht zetje gaf. Gelukkig was de eigenaar nergens te bekennen, en de enige die het zag was een dronken dakloze, en die gelooft toch niemand, dus we zijn hem snel gesmeerd, al was er volgens mij überhaupt geen schade.
De rit ging eerst naar een kasteel, waarvan ik de naam alweer ben vergeten, maar het was supermooi en de tuin keek uit over een grote baai. We belandden daar midden in een huwelijk, dus heel lang zijn we niet gebleven.
Vervolgens ging de reis naar Marstrand, een groep kleine eilandjes voor de westkust van Zweden. Het belangrijkste eiland kan alleen worden bereikt met een klein veerpontje, waar ongeveer 2 auto’s op passen. We besloten op het vaste land te kamperen en ’s avonds het pontje te nemen om wat rond te wandelen. Na het opzetten van de tent en het eten waagden we de overtocht naar het eiland. Het is volgens mij een vrij onbekende plek, geen toeristen, de ‘kapitein’ van de veerpont sprak ook geen Engels, en het stond ook niet in de Lonely Planet. Goed, daar dus een beetje rondgewandeld, het fort bezocht wat bovenop het eiland was gebouwd en tevergeefs geprobeerd om bij drie ‘private parties’ binnen te dringen. We waren dus veroordeeld tot de enige bar op de kade, waar een biertje ongeveer 6 euro kostte. Cheers! Gelukkig werd dit leed enigszins verzacht door het grote aantal mooie vrouwen op het terras, waar natuurlijk verder geen woord mee is gewisseld.
De volgende dag ontdekten we dat aan onze camping een prachtige baai lag, waar we zo’n beetje de hele ochtend hebben doorgebracht met zwemmen, rots klimmen en duiken.
’s Middags vertrokken we naar Smogen, een tip van een dronkelap die we tegen waren gekomen op Marstrand. Het is een prachtig oud vissersdorpje, met veel boten en gekleurde huisjes langs de kade, en een aantal prachtige rotseilanden voor de kust.
Op een van de kliffen was een duikplank gebouwd, waar we onder het mom van ‘male bonding’ natuurlijk naakt vanaf hebben gedoken. Wel midden tussen de levensgrote kwallen, gelukkig was het water zo koud dat het moeilijk was voor de kwallen om bepaalde edele delen te raken, aangezien die aanzienlijk gekrompen waren.
Emlyn, Matthias en ik besloten na een grote wandeling over de eilanden dat we daar de nacht door wilden brengen. Zo gezegd, zo gedaan, dus met tent en al naar het eiland gegaan, daar een gave overhangende rots gevonden, kampvuurtje gemaakt, beetje naar de sterren gestaard en vervolgens in de open lucht geslapen. Het was fantastisch! Zo mooi! Wakker worden van de zon in je gezicht, en begroet worden door een prachtig uitzicht over de rotsen en de zee.

Ik hou het hier even bij, de rest van de reis volgt snel, maar het is reeds 12 uur geweest en ik heb morgen mijn eerste college. Ik was haast vergeten waarom ik hier was. Ik begon juist te wennen aan dit leven zonder verantwoordelijkheid (zonder baan!!!) en vaste uren.
Foto’s zijn overigens hier te zien:

http://www.new.facebook.com/album.php?aid=50297&l=49bbb&id=655887306

http://www.new.facebook.com/album.php?aid=50286&l=6b2e9&id=655887306

Sunday, 17 August 2008

Copenhagen by night.



Overdag zijn de Denen ontzettend beschaafde mensen. Ook al is er bijvoorbeeld in geen velden of wegen een auto te bekennen, iedereen wacht hier netjes voor het rode licht. De mensen zijn netjes gekleed, dringen niet voor in de rij voor de supermarkt en gooien relatief weinig troep op straat.
Zodra de zon ondergaat lijkt het een heel ander verhaal. De Denen kunnen echt zuipen en de meest beschaafde Scandinavische prinsesjes veranderen in Engelse drankorgels. Aan de lopende band hoor je gerinkel van glas en zo nu en dan ligt er iemand in een portiek te slapen.

Mijn woensdagavond begon heel gemoedelijk weer in Studentenhuset. Deze gaat echt ‘al’ om 2 uur dicht, dus op aanraden van een paar mensen gingen we, enigszins beschonken, naar de Moose Bar, een of andere gare tent die ook niet veel onder doet voor de Minds. Ik wilde eigenlijk vrij vroeg naar huis, maar mijn pogingen om te vertrekken strandden keer op keer als ik weer een biertje in mijn handen gedrukt kreeg. Overigens slecht 15 kroner, zo’n 2 Euro voor een pint, de goedkoopste plek tot nu toe. Het is dan natuurlijk wel een soort dode uilepis, maar ach.
Toen we eindelijk, rond een uur of 5 hadden besloten om na dit biertje naar huis te gaan, kwamen er plots twee Denen binnen die zonder zich aan ons voor te stellen, gewoon even een rondje voor ons haalden. Geniaal. Het was echt een soort de Dikke en de Dunne. De een, Jeppe, was 2 meter en over de 100 kilo en de ander, Andreas kwam tot aan mijn kin.

Na nog twee biertjes nodigden ze ons uit naar een andere bar. Het was intussen 6 uur in de ochtend, en al volop licht. Een aantal mensen waren al op weg naar het werk, fris en fruitig en wij zwalkten met een groep halfbezopen internationalen over straat, op weg naar Bar Louise, op Norrebrogade, een equivalent van het Amsterdamse San Francisco: een donker stinkhol, met twee minuscule ramen ter hoogte van de stoep, dus het enige uitzicht bestaat uit de voeten van voorbijgangers. Toen we daar aankwamen, rond half 7, lag er al iemand met zijn hoofd op een tafeltje te slapen, halfleeg biertje nog in de hand, terwijl een kale dronkaard in midden van de bar stond te dansen op muziek dat niet werd gedraaid. Dan weet je dat je goed zit!


(Links: Simon (Irl) en Lena (De) op Norrebro. Rechts: de groep op weg naar de tering.)

Ik bestelde twee biertjes aan de bar, die vervolgens werden betaald door een of andere homo aan de bar. Hij probeerde een praatje te maken, maar gelukkig kwam Camille eraan, dus ik kon snel even een gay-shield bouwen. Desalniettemin wel met veel genot de biertjes opgedronken.

Aan een tafeltje raakte ik in gesprek met Stine, een meisje uit Jutland, een van de Deense eilanden. Ging het gesprek aanvankelijk over reggae (rekkie voor de Horstenaren ;)), via een omweg die mij absoluut niet duidelijk is, eindigde het gesprek in bekentenis van een recentelijk abortus, verwekt door een of andere asielzoeker. Goed.
Vervolgens kreeg ik ook nog haar nummer, wat ik natuurlijk heb gehouden, want blijkbaar is ze niet zo moeilijk! Aaaaa...dat kan ik natuurlijk niet zeggen, want het was een heel treurig verhaal, maar ik kon hem ook niet laten hangen.
Om een uur of 8 ging de bar dicht. Een of andere Unabomber, die al de hele avond ieder gesprek binnenviel met “I am the number one! No one can touch me!”, nodigde iedereen uit om bij hem thuis coke te gaan snuiven, maar iedereen bedankte.
Ik scoorde nog even een croissantje bij de bakker aan de overkant en vervolgens maar naar huis gegaan om te slapen. De Deense les van die dag heb ik maar even geskipt.

Binnenkort meer verhalen over dronken Denen, ik moet nu weer gaan, want ik heb zo een BBQ om mijn reisje naar Zweden te plannen met wat mensen. Noorwegen vervalt, wegens mijn snel slinkende bankrekening, maar het wordt nu een auto huren en een beetje wild kamperen en kayakken met een Belg, een Amerikaan, Canadees en een Oostenrijker. Klinkt ook best goed toch?

Wednesday, 13 August 2008

Zwangere Denen, dronken Russen, flossen en een BBQ.


Op het eerste gezicht hebben bovenstaande dingen niets met elkaar te maken.
Op het tweede gezicht overigens ook niet, maar ik vond het wel een pakkende titel.
In ieder geval, zwangere Denen dus.
Je kunt hier je kont niet keren of je loopt een zwangere vrouw tegen het lijf. Alsof het hier zaad regent!
Ik heb begrepen dat zwangerschapsverlof en kinderopvang hier allemaal zeer goed zijn geregeld. Doordat deze ‘onzekerheden’ zijn weggenomen lijken dus veel vrouwen al op jonge leeftijd aan kinderen te beginnen. De vrouwen in kwestie zijn ook allemaal verder superslank, ze hebben alleen zo’n strandbal onder hun jurk.
Heel apart. Gelukkig is de Oud-Zuid bakfietsen-trend hier nog niet zo doorgebroken.

Wat dronken Russen betreft, afgelopen vrijdag heeft een van de studenten haar naam al goed gevestigd, door zich kapot te zuipen en voor een tot de nok toe gevulde Studentenbar, waar ongeveer alle internationals aanwezig waren, naar buiten te strompelen en luid kotsend out te gaan op een rooster tegenover de bar.
Goed nieuws voor iedereen, want nu kon een ieder zich laten gaan. Meer voor lul staan dan zij kon toch niet meer. Cheers!

Zaterdag een Barbeque gehad bij Wouter, een Belg uit Kortrijk. “Helaas” is Wouter niet bekend met de H8000, of Liar, maar misschien spreekt dat alleen maar voor hem.
Hij woont net iets buiten de stad, grenzend aan de rijkelui-suburb. Het was even een stuk fietsen, omdat dat gedeelte al niet meer op de kaart stond aangegeven en we dus onvermijdelijk verkeerd reden. Na een uur het gelukkig toch gevonden.
Wouters huizenblok heeft een supermooie binnenplaats met daarin dus een speciaal gedeelte om te BBQ-en, inclusief tafels etc.
Thomas, Wouters Deense huisgenoot, had een geniaal, doch simpel apparaat om de kolen goed op temperatuur te krijgen. Het is een soort enorme beker van staal, met enkele gaten erin. Daarin giet je de kolen, aanmaakblokje onderin en die dingen vlammen als de ziekte. Na een minuut of vijf zijn ze perfect, je mikt ze in de BBQ en klaar!

Het was een erg gezellig avond, met, zoals bij elke gelegenheid hier, een leuk gemêleerd gezelschap: Drie Duitsers, twee Fransen, een Oostenrijker, een Deen, een Belg en yours truly.


Voor gisterenmiddag had ik me aangemeld voor een guided tour door het Statens Museum for Kunst (Danish National Gallery). Omdat ik een lange broek moest kopen (mijn twee andere zaten in de was en ik was die morgen al in mijn zwembroek naar de Deense les geweest), was ik te laat voor mijn groep, maar ik kon gelukkig mee met een latere en ook leukere groep.
Het is een heel mooi museum, met een goede mix van zowel 17/18e eeuw als moderne kunst en ook een goede verhouding schilderijen vs. sculpturen. Het gebouw zelf is al erg indrukwekkend. Het bevindt zich in een park, en het torent ver boven alle bomen uit. Aan het achterkant van het oude gedeelte zit een nieuw gedeelte gebouwd, waar eigenlijk de meeste werken staan.
Onze tourgids was natuurlijk mooi, jong, blond en zwanger! Ze wist veel te vertellen, al duurde het soms een beetje te lang en probeerde ze ons af en toe vragen te stellen op Sesamstraat-niveau. Natuurlijk gingen de meeste beschrijvingen gepaard met een biografische interpretatie, maar goed.
Ze hadden ook een goede verzameling Vlaamse en Nederlandse schilders, alsmede natuurlijk wat Cobra-werken.


Er was ook een ‘conceptual’ stuk, getiteld: “Please be silent”. Het bestond uit een kamer waar je binnen moest gaan, die was omgebouwd tot ziekenhuiskamer. Het rook zelfs als een ziekenhuis, al kan dat best associatief van mijn kant geweest zijn.
In drie van de vier bedden lagen wassen beelden, die verdomd echt leken, waardoor de hele ervaring erg griezelig werd.
Volgens de gids, was “Please be silent” bedoeld om te laten zien dat we liever niet praten over ziekte in onze maatschappij, vandaar ook de titel. Maar het kon ook iets met AIDS of homoseksualiteit te maken, want de twee makers zijn homo. Dus.




Na het museumbezoek wilden de Francaises natuurlijk wat drinken, apero heet dat blijkbaar, een goede reden voor een tweede bezoek aan de Floss. (de plaatselijke “Minds”, zie “The Minds”)
We hebben ontdekt dat daar een pint Tuborg Gron, slecht 20 Kroner is, dus eigenlijk gewoon zeer goed te doen. Ik vermoed dat we daar rond 6 uur aankwamen, het eten hebben geskipt en pas rond half een weggingen. Ik kwam in ieder geval pas rond 1 uur thuis. Geloof ik. Goed avondje dus!


Goed, Hylco kan als het goed aan ieder moment aankomen in Kopenhagen. Ik ga vanavond wat met hem drinken in Studenterhuset, waar ik lijdzaam zal toekijken hoe hij mijn versgebouwde reputatie hier om zeep helpt!

Saturday, 9 August 2008

The Song Remains The Same


Tivoli is een van de bekendste bezienswaardigheden van Kopenhagen. Het is een fantastisch, ouderwets soort pretpark, met attracties, een paar supermooie tuinen en wat restaurantjes.
Achterin het park hebben zo ook een buitenpodium, waar gedurende de zomer er iedere vrijdag concerten worden gegeven. Om die bij te wonen hoef je slechts de entree tot het park (85 kroner) te betalen. Gisteren heb ik daar, na een tip van Bev, een Ier, The Flaming Lips gezien. In een woord “magisch”! Het is veruit de beste show die ik ooit heb gezien van een band die ik niet ken!
Tijdens de intro kwam de zanger op in een enorme plastic bol, waarmee hij over het publiek liep. Tegelijkertijd werden er tientallen enorme ballonnen gelanceerd, gevuld met confetti, terwijl een groep van zo’n 40 Teletubbies langs het podium stonden te springen, ondertussen druk schijnend met schijnwerpers en schietend met confetti-kanonnen. Dit alles onder een spervuur van licht- en lasereffecten. Ik kan je vertellen, zo krijg je de sfeer er wel in, zelfs bij 1000 stugge Denen.
Hun show is puur gericht op de totale ervaring van het publiek. Iedereen moet het zo goed mogelijk naar de zin hebben en iedereen wordt geacht mee te zingen. De hele show duurde rond de anderhalf uur en ik heb me geen moment verveeld, terwijl ik geen enkel nummer kende, behalve de overigens te gekke uitvoering van Led Zeppelin’s “Song remains the same”, waarbij ze de originele video-clip op het scherm op de achtergrond afspeelden.
Sinds gisteren ben ik dus fan van the Flaming Lips. Xander heeft al hun albums, dus ik ga daar dit weekend even langs met de externe HD om wat te rippen.
Ik ga zo even voetballen met een paar Ieren, Duitsers en Spanjaarden. Een op de drie internationale studenten is Duits, dus ik heb gisteren al een geheim verbond gemaakt met de andere landen tegen die Mannschaft. Dat wordt genieten straks.

Zoals je ziet worden de blogs steeds korter, maar ik heb hier ook steeds meer te doen.
Ik heb nog een miljoen verhalen, onder andere over het eerste feestje wat we hier hadden, dat eigenlijk bedoeld was als een simpel verjaardagsfeestje voor Simon, een Ier uit mijn Deense klas, maar dat bericht deed zo snel de ronde dat er donderdagavond meer dan 70 man voor de deur stond. Maar die vertel ik later wel.